Deze kleine moleculen zijn daarmee aangrijpingspunten voor de behandeling van allerlei ziekten. Het toepassen van microRNA’s is in allerlei therapieën veelbelovend. MicroRNA’s zouden er bijvoorbeeld voor kunnen zorgen dat kankercellen hun kwaadaardige eigenschappen verliezen of gevoeliger worden voor chemotherapie.

Belangrijke functie

Onderzoeker Tom Würdinger van het VUmc in Amsterdam begon rond 2008 met onderzoek naar microRNA’s. De technieken daarvoor leerde hij aan de Harvard Universiteit in de VS. Hij vertelt: “MicroRNA’s zijn in 2000 ontdekt en sindsdien zijn er steeds meer gevonden. Lange tijd werden ze gezien als bijproduct van biologische processen in onze cellen. Inmiddels zijn er zo’n tweeduizend bekend en ze blijken een belangrijke functie te hebben. Ze hebben invloed op alle processen in ons lichaam.”

Biologische processen kunnen ontregeld raken als er te veel of juist te weinig microRNA in de cellen aanwezig is. Dat kan worden verholpen door het teveel aan microRNA te remmen, of het tekort aan te vullen. “Dat kan al vrij efficiënt”, zegt Würdinger. “MicroRNA’s kunnen zo bijvoorbeeld de groei van kankercellen remmen. Of bij hartfalen de functie van hartspiercellen repareren. Of een hepatitisinfectie in de lever te lijf gaan. Een uitdaging is nog wel om microRNA’s op de juiste plek in het lichaam te krijgen. Bijvoorbeeld in de lever of in het hart en tegelijk niet in andere organen. Momenteel wordt uitgezocht hoe dat efficiënt kan.”

Bewijzen

Volgens Würdinger is de toepassing van microRNA’s een techniek die zich de komende jaren moet bewijzen. “De resultaten van de eerste klinische studies komen nu binnen en zijn veelbelovend. Daarmee zal duidelijk worden of dit echt gaat doorzetten. Een spannende ontwikkeling!”