Want: we moeten focussen op vitaliteit en technologische innovaties.

“Zeker in deze tijdsgeest ziet men vergrijzing als probleem. Het kost alleen maar geld, is de gedachte, en het levert niks op. Dat is echter niet per definitie zo. Reden om het Vitality programma op te zetten, het zwarte van de vergrijzing af te halen en aandacht te vestigen op nieuwe kansen”, zegt Rudi Westendorp. Hij is als hoogleraar en internist ouderengeneeskunde verbonden aan het Leids Universitair Medisch Centrum, dat op zijn beurt deelneemt in het samenwerkingsverband Medical Delta. Hierin werken de universiteiten en medische centra van Delft, Leiden en Rotterdam samen, en wisselen zij onder meer kennis uit met het bedrijfsleven en de overheid. Het vitaliteitsprogramma vraagt een andere zienswijze op de vergrijzing en ouderen.

Spek en bonen

“De maatschappij schrijft mensen veelal af vanaf hun 65e waardoor ze meedoen voor spek en bonen. Een onterecht gegeven dat de maatschappij vooral aan zichzelf heeft te wijten. Die denkwijze moet om. Want: iemand die ouder is, is toch niet meteen een hoopje zieligheid? Er zit vaak heel veel spirit in. Spirit, die een hele hoop kan opleveren”, zegt Westendorp.

De mens wordt al ouder en kent dus een langere levensloop. Wij doen volgens Westendorp echter alsof we nog de levensloop hebben van –pak ‘em beet- vijftig jaar geleden. “Twintig jaar achter de geraniums zitten na het werkzame leven is niet meer van deze tijd. Dus is er een omslag nodig, zowel op financieel gebied voor de maatschappij, als voor de persoon zelf. Hiertoe formuleerden we vier aandachtspunten die we met elkaar gaan exploreren vanuit de Medical Delta gedachte: gebruik maken van elkaars kennis en innovaties in zeer nauwe samenwerking met het bedrijfsleven en de overheid.”

Verbondenheid

Allereerst benoemt hij de leefbaarheid in steden. Geheel volgens het vitaliteitsprogramma moeten oudere mensen meer deel uitmaken van wijk en stad. Niet weggestopt worden in tehuizen of aparte woningen, maar met andere generaties in een wijk leven zodat verbondenheid ontstaat. “Het tweede punt gaat om de langere levensloop en de werkgelegenheid die er zou moeten zijn voor ouderen. Na het 67e levensjaar verwachten we te stoppen. Maar wie zegt dat een zestigplusser niet net zo goed presteert als een dertigjarige? Er zijn zat mensen met een groot arbeidsethos, al moet daar wel in worden geïnvesteerd. Het is helemaal geen rocket science, maar het komt niet tot wasdom.”

Prettig leven

Een derde aandachtspunt is zelfmanagement. Ouderen moeten veel meer zelf de regie nemen over medische zaken, en tevens dient er beter te worden ingespeeld op de vraag van de patiënt/consument. Daardoor kan zorg op maat ontstaan. Het vierde punt is connectiviteit. We verstaan elkaar nog maar slecht en zouden meer contact met elkaar moeten hebben. Ook om bijvoorbeeld eenzaamheid te voorkomen, zo menen de experts. Met deze vier punten in het programma Vitality hopen de samenwerkende instellingen de komende jaren de vitaliteitsgedachte onder de aandacht te brengen. Het achterliggende idee is dat de maatschappij de groep ouderen kan benutten, maar dat het individu dat zelf ook doet. De gedachte is dat de oudere mens prettig kan leven, met efficiënte zorg, zodat hij of zij kan blijven deelnemen aan de maatschappij.
Lucas van Vliet, professor beeldanalyse aan de TU Delft, onderschrijft wat Westendorp zegt. Hij benadrukt dat alles staat of valt met technologische innovaties. “De zorgvraag neemt toe, terwijl deze zorg met minder mensen geleverd moet worden. Dan helpt technologische vernieuwing om met minder arbeidskrachten een grotere prestatie neer te zetten. En wellicht zelfs wel een betere zorg”, zegt hij.

Investeren in technologische innovaties

Van Vliet heeft het over innovaties in gedifferentieerde vroegdiagnostiek waardoor de zorgsector sneller en effectiever kan ingrijpen. “Maar denk ook aan een gerichtere behandeling door verbeterde en minder invasieve ingrepen, en methoden om mensen weer te rehabiliteren ten behoeve van een snelle terugkeer in de maatschappij. Dat gebeurt nu namelijk niet in de meest optimale vorm. We zijn stapje voor stapje op weg naar personalised medicine waarin de behandeling volledig wordt gericht op het individu door middel van zijn of haar moleculair profiel. Dat hele proces neemt natuurlijk jaren in beslag. Daarom is het zo belangrijk dat we nu investeren in innovaties. Stilstaan is een stap achteruit.”

Hij noemt een ander voorbeeld. Medical Delta is momenteel actief met plannen voor een ‘protonen therapiecentrum’. Concreet gaat het om een nieuwe manier van radiotherapie voor bestrijding van enkele kankertypen. “Deze methode is gerichter, richt minder schade aan gezond weefsel aan en verlaagt de kans op nadelige effecten. Met protonentherapie is de kans op het ontstaan van secundaire tumoren tevens veel kleiner dan met de bestaande therapieën.”

Zelfstandig wonen

“Maar het zit ‘m niet louter in effectievere behandelingen en vroegdiagnostiek. Ook om ouderen in de toekomst zo veel mogelijk zelfstandig te kunnen laten wonen zijn innovaties nodig, soms zogeheten e-health oplossingen. Naast technologische hulpmiddelen valt te denken aan een andere inrichting van huizen. De komende vijf jaar is het onze taak om de oplossingen die nu al bestaan, beschikbaar te maken. Daarbij is het vereist dat de hele keten hieraan deelneemt.”