Thijs

Thijs

Thijs (20): “Ik werd vier maanden na mijn aanmelding al gebeld

Thijs: “Het kwam echt als een verrassing. Je hoort vanaf het begin dat de kans heel klein is dat je wordt opgeroepen. Hierdoor verwacht je niet dat je zo snel al wordt gebeld. Ik besefte me toen wel dat het nog helemaal niet zeker was dat het door zou gaan. Het voelde nog niet zo ‘echt’. Pas toen ik, na verschillende testen en gesprekken, hoorde dat ik de beste match was, begon ik de spanning te voelen.”

Dag van de waarheid

 “Op de ochtend van mijn stamceldonatie werd ik gek genoeg heel ontspannen wakker”, herinnert Thijs zich. “Ik was er vooral de avond van tevoren heel erg mee bezig, maar op weg naar het ziekenhuis voelde ik helemaal geen zenuwen. Toen ik door de gang van het ziekenhuis liep begon het pas echt door te dringen en dacht ik: ‘Ja, nu gaat het echt beginnen!’“

Tijdens de stamcelafname is Thijs in goed gezelschap van zijn moeder. Thijs: “De afname viel gelukkig mee. Ik kon me wat moeilijk bewegen omdat je met beiden armen aan het apparaat gekoppeld bent, dus dan is het fijn dat je iemand hebt om mee te praten. Ook Netflix zorgde voor de nodige afleiding.

Patiënt

Thijs weet alleen dat de ontvanger van zijn stamcellen een man van middelbare leeftijd is. “Ik heb tijdens die dag wel veel aan hem gedacht”, vertelt hij. “Van tevoren vond ik het wel lastig dat er geen contact met de patiënt mogelijk is. Ik had graag willen zien wat mijn stamcellen voor die persoon doen. Achteraf had ik hier minder moeite mee. Het belangrijkste is dat ik iemand heb kunnen helpen en dat ik iemand een kans op leven heb gegeven”

Ebba

Ebba

Ebba (21): “Ik had nooit verwacht dat ik op mijn negentiende ernstig ziek zou worden”

“Het begon allemaal in april 2016”, vertelt de 21-jarige Ebba. Ze zit op dat moment midden in haar opleiding als schoonheidsspecialiste en geniet van het leven. “Ik voelde me al een tijdje niet zo lekker, maar het kwam niet in me op dat er echt iets ergs aan de hand zou kunnen zijn. Je bent nog zo jong, dan ben je daar helemaal niet mee bezig. Totdat het echt misgaat.”

Ebba krijgt steeds vaker hoge koorts met pieken van 42 graden. Ze wordt in het ziekenhuis opgenomen, maar daar hebben ze geen idee wat er met haar aan de hand is. Ebba: “Ondertussen ging ik steeds verder achteruit. Ik weet nog dat ik veel pijn had en ook steeds meer moeite kreeg met ademen. Op een gegeven moment kon ik helemaal niet meer zelfstandig ademen en werd ik in een kunstmatige coma gehouden.”

Heb ik dan kanker?

Dan wordt duidelijk dat Ebba lijdt aan Hemofagocyterende Lymfohistiocytose. Dit is een zeldzame aandoening waarbij bepaalde cellen in je lichaam je eigen organen kunnen aanvallen. Ebba: “Ik had er nog nooit van gehoord. Toen ze me in het ziekenhuis vertelden dat ik chemokuren zou krijgen was ik ook helemaal in de war. ‘Heb ik dan kanker?’, was mijn eerste vraag, maar dat was het niet.”

De chemokuren slaan in eerste instantie goed aan, maar tegen het einde van de kuur gaat het toch weer fout. “De artsen vertelden me dat ik met spoed een stamceltransplantatie nodig had”, vertelt Ebba. “Gelukkig werd er vrij snel duidelijk dat er een match gevonden was in de wereldwijde databank. Een paar maanden later was het dan zover. Gelukkig is de stamceltransplantatie goed gegaan.”

Donor

Inmiddels studeert Ebba verpleegkunde en is ze haar donor nog elke dag dankbaar: “Ik merk in mijn omgeving dat mensen soms best bang zijn voor stamceldonatie, maar je kunt er gewoon écht een leven mee redden. Dat heb ik zelf mogen ervaren. Het is zo bijzonder dat iemand die ik helemaal niet ken dit voor mij heeft gedaan. Ik gun het iedereen die ziek is om, net als ik, een tweede kans te krijgen.”