Verkeer veroorzaakt voor vijftig procent de luchtverontreiniging in de Maasstad. Dat ligt vooral aan de uitstoot van stikstofdioxide (NO2) en roet (EC). Stikstofdioxide is een gas dat klachten veroorzaakt aan de luchtwegen.

Roetdeeltjes zijn zo klein dat ze zelfs in de bloedvaten worden opgenomen en dan gezondheidsschade toebrengen. “We hebben de gevolgen hiervan al lang geleden onderkend, vertelt programmamanager Patricia Timmerman.

Samen met beleidsadviseur Hetty van Rhijn, vertelt zij over de belangrijkste ontwikkelingen van de laatste jaren om de luchtkwaliteit in Rotterdam te verbeteren.

Winst boeken

“De vuile lucht veroorzaakt ziektes zoals luchtweginfecties, hart-, vaat- en longziektes. Om dat te voorkomen, werken we al jaren hard aan verbetering van de luchtkwaliteit”, vertelt Timmerman.

Volgens van Rhijn is de luchtkwaliteit de afgelopen tien à twintig jaar al veel schoner geworden en dus gezonder. “De gemiddelde levensverwachting is daardoor in die periode met een jaar gestegen.

Hetty van Rhijn: '' De gemiddelde levensverwachting is daardoor in die periode met een jaar gestegen''

Natuurlijk is er nog veel winst te boeken. De drukke doorgaande routes in de stad zijn nog steeds ernstige knelpunten.” Dat vindt volgens Timmerman zijn oorsprong in de wederopbouw van de stad na de Tweede Wereldoorlog. “Toen dachten we heel anders over mobiliteit.

We vonden dat de stad bereikbaar moest zijn per auto. Dat is totaal veranderd. Het huidige college onderstreept het belang van bereikbaarheid, maar niet per se met de auto; openbaar vervoer en fiets zijn ook belangrijk.”

Geen ondergrens voor luchtkwaliteit

“We proberen altijd maatregelen te treffen die de bron van vervuiling aanpakken en toekomstbestendig zijn”, aldus Timmerman.

Met de Koersnota Luchtkwaliteit besloot het bestuur van Rotterdam in 2015 om niet meer alleen te sturen op de wettelijke normen, maar voluit voor de gezondheid van de inwoners te gaan. “Het belangrijkste is dan dat de hoeveelheid roet naar beneden gaat.

We kunnen snel winst boeken door in te zetten op minder roetuitstoot van het verkeer. Veel maatregelen zijn daarop gericht”, volgens van Rhijn. In Rotterdam betekent dit maak ruimte voor voetgangers, fietsers en openbaar vervoer; de auto is te gast in de binnenstad.

“We zijn bezig met het uitvoeren van de Rotterdamse Mobiliteits Agenda. Dit betekent dat we extra fietsenstallingen plaatsen, meer fietspaden aanleggen, het aantal P+R’s uitbreiden, de Coolsingel herinrichten, een groot aantal parkeerplekken op straat weghalen en elektrisch rijden stimuleren.

Patricia timmerman: “We proberen altijd maatregelen te treffen die de bron van vervuiling aanpakken en toekomstbestendig zijn”

Heel belangrijk was en is de invoering van de milieuzone in 2016. Dit is een afgebakend gebied waar alleen auto’s mogen rijden die aan bepaalde uitstooteisen voldoen. Dit leverde het eerste jaar direct al een grote winst op voor de luchtkwaliteit in de binnenstad. De bijdrage uit de sloopregeling voor te oude auto’s heeft zeker aan dat succes bijgedragen”, vult Timmerman aan.

Goed op weg

“We kijken niet alleen naar de aanpak van overlast door personenauto’s”, geeft van Rhijn aan. “Ook het vrachtverkeer moet schoner. We hebben de Green Deal 010. Daarin werken we nauw samen met onder meer transportbedrijven aan zero emissie Stadslogistiek in 2020.

Daarmee lopen we voor op de landelijke ambities die uitgaan van zero emissie in 2025.” Ook de binnenvaart krijgt aandacht. “Voor de binnenvaartschippers geldt nu in het binnenstedelijke gebied dat ze de generator niet meer mogen gebruiken.

Sinds 2008 is voor deze schepen al een groot aantal voorzieningen voor walstroom aangelegd. Ook dit maakt de lucht gezonder”, vervolgt Timmerman.

Rotterdam is ook bezig met de participatieve kant. “Samen met burgers komen we met initiatieven om te kijken hoe we anders om kunnen gaan met het verkeer in de eigen wijk. Dat noemen we “placemaking”. Er staat veel blik op straat.

Vaak op de mooiste plekjes, waarmee je misschien liever iets anders zou willen doen. We nodigen bewoners bijvoorbeeld uit om van hun parkeerplaatsen kleine parkjes te maken.

Het is een instrument om mensen bewust te maken van hun eigen gedrag en wat je zelf kunt doen om de lucht gezonder te maken. Met elkaar zijn we prima op weg”, besluit van Rhijn.