Stappenplan

Tips voor correct inhalatorgebruik

Stap 1: Neem voor het inhaleren voldoende tijd en rust. Ook hier geldt: haastige spoed is zelden goed.

Stap 2: Adem voor het inhaleren een paar keer goed in en uit. Vooral goed uitademen voor het inhaleren van de medicatie is belangrijk voor de effectiviteit.

Stap 3: Zorg voor een goede houding (kijk schuin naar de bovenkant van het raamkozijn) en houd na het inhaleren de adem tien seconden vast, zodat de medicatie zich goed in de longen kan verspreiden.

“Je gelooft het misschien niet, maar het komt echt voor”, weet Job van der Palen, klinisch epidemioloog bij Medisch Spectrum Twente. Sinds 1993 doet van der Palen onderzoek naar correct medicatiegebruik door met name patiënten met astma en COPD.

“We zien dat ongeveer tweederde van de patiënten de medicatie vanuit de inhalator niet op de correcte manier inneemt. De belangrijkste reden is dat het gebruik van de meeste inhalatoren best gecompliceerd is. Als je niet exact de goede techniek gebruikt, zal het middel niet optimaal werken.” 

Persoonlijke instructie

Van der Palen geeft daarom al jaren instructie aan huisartsen, praktijkondersteuners en longverpleegkundigen. “Het is belangrijk om de kennis over het gebruik van de verschillende type inhalatoren op een goede manier over te dragen. De persoonlijke instructie is essentieel. Als een deskundige zorgverlener het niet goed voordoet, kun je niet van de patiënt verwachten dat die het inhaleren zelf goed aanleert. Daar zijn de meeste inhalatoren te ingewikkeld voor. Ook met een goede bijsluiter blijkt het zelden helemaal goed te gaan.”

“Soms hebben mensen twee inhalatoren”, legt Van der Palen uit. “Bijvoorbeeld één waarmee je voor het inhaleren goed moet schudden en één voor poeders  waarbij schudden niet nodig is. Als de patiënt niet weet dat hij daar verschillend mee om moet gaan, kan er van alles misgaan. Patiënten moeten ook weten wat ze van de medicatie mogen verwachten. Iemand die twee verschillende middelen krijgt om te inhaleren, moet uitgelegd krijgen dat het één bijvoorbeeld snel werkt en het ander pas op langere termijn. Weet de patiënt dat verschil niet, dan is hij geneigd te stoppen met het middel dat niet direct werkt.”

Verschillend in gebruik

Bij een onderzoek onder COPD-patiënten werd de deelnemers gevraagd te laten zien hoe ze de inhalator gebruiken. Van der Palen: “Een fors deel van de patiënten, meer dan één derde, deed het zodanig dat er niets van het middel in de longen kwam.” Bij een ander onderzoek bleek dat groepsinstructies beter werken dan één-op-één sessies of een videofilmpje om patiënten te laten zien en ervaren hoe ze het best kunnen inhaleren. “Ze leren dan van de fouten van een ander en zien ook dat er verschillen zijn, zoals dat je met de ene inhalator krachtig moet inhaleren en bij de andere rustig.”

Volgens de onderzoeker helpt het enorm als het gebruik van apparaten, dus ook inhalatoren, nog meer wordt vereenvoudigd. Hij noemt als voorbeeld de iPad. “Als je die uit de doos haalt en aanzet, wijst het vanzelf wat je als gebruiker moet doen. Er is inmiddels ook een klein aantal nieuwe, gebruiksvriendelijke inhalatoren beschikbaar. Daarmee is het: openen, inhaleren en sluiten. Daardoor verwacht ik dat het meer patiënten zal lukken de medicatie zo in te nemen dat deze optimaal z’n werk kan doen.”