Pierfrancesco Agostoni

Cardioloog

Specialisme: Angina pectoris

“Een half miljoen mensen in Nederland heeft angina pectoris. Jaarlijks is er sprake van zo’n 50.000 nieuwe aanvallen. Hierbij gaat het om klachten die duiden op een tekort aan zuurstof in het hart. Iemand met angina pectoris krijgt meestal een signaal in de vorm van een drukkende pijn midden op de borst die kan uitstralen naar een arm en eventueel ook naar de kaak en tanden. De klachten treden veelal op bij inspanning en bij koud weer, als het lichaam extra bloed moet laten circuleren. Een aanval kan best invaliderend zijn. Iemand met angina pectoris is ergens mee bezig en moet daarmee stoppen en zitten om bij te komen.”

Medicatie of operatie

“De aandoening kent verschillende niveaus van complexiteit. Als er met onderzoek is bewezen dat het daadwerkelijk om angina pectoris gaat, dan kunnen we behandelen met medicatie bestaande uit bètablokkers, nitraten of calciumantagonisten.

Werkt medicatie niet, dan is de oorzaak –vaak een vernauwing van de kransslagader- aan te pakken met een operatie. We behandelen dan de verstopping met een dotterbehandeling. Als die niet volstaat omdat er sprake is van veel vernauwingen, dan kunnen we ook een bypassoperatie verrichten.”

Complexe ingreep

“Bij tien procent van de mensen met angina pectoris voldoen medicatie en de genoemde ingrepen niet. Zij hebben een complexere variant waarbij de kransslagaders al lang volledig dicht kunnen zitten. Bij hen is het mogelijk om een technisch complexere variatie op de dotterbehandeling uit te voeren, die soms wel drie tot vier uur in beslag neemt. Van deze ingreep was het succespercentage zo’n tien jaar geleden 60 tot 70 procent. Nu slaagt 90 procent van deze operaties, een enorme winst.”


 Lucas Boersma

Cardioloog

Specialisme: Hartritmestoornissen

“Hartritmestoornissen omvatten alle verstoringen van het normale ritme; van een enkele overslag tot lang aanhoudende, abnormale versnellingen. Met name de kans op boezemfibrilleren neemt sterk toe naarmate we ouder worden; bij mensen boven 75 jaar heeft tot wel tien procent deze aandoening, en van alle Nederlanders heeft 25 procent er ooit mee te maken gehad. Hoewel boezemfibrilleren niet direct levensbedreigend is, hebben veel mensen er regelmatig last van.”

Ablatie

“Stoornissen in de hartboezems kunnen we vaak verhelpen met medicijnen. Volstaan die niet, dan kan de keuze vallen op ablatie. Met een katheter via de lies of via een kijkoperatie worden littekens gemaakt rondom de longaders, en soms ook op andere plaatsen in de boezems. Voor de longader-ablatie bestaan inmiddels verschillende snelle gespecialiseerde technieken, door hetzij bevriezing tot -80 graden of verhitting tot boven 50 graden. Helaas is dit nog steeds niet bij iedere patiënt succesvol omdat het weefsel zich alsnog kan herstellen.”

Nieuwe techniek

“Inmiddels werken we nu al een jaar in studieverband aan een geheel nieuwe ablatietechniek. Hierbij wordt een cirkelvormige katheter gebruikt die nog dieper kan bevriezen tot -180 graden. Bovendien kan hiermee een uitgebreider gebied, ook buiten de longaders, worden behandeld bij mensen met chronisch boezemfibrilleren. Hierdoor is de kans kleiner dat het weefsel zich nog kan herstellen of dat er belangrijke plekjes worden gemist. De eerste resultaten zijn veelbelovend en worden de komende maanden wereldkundig gemaakt. Vooralsnog wordt deze techniek alleen toegepast in het OLV Aalst in België en bij ons in het St. Antonius Ziekenhuis.”