Jeroen Doorenbos

Trainer/educator Diabetesvereniging Nederland

Insuline

De meeste mensen weten dat diabetes ‘iets’ te maken heeft met insuline, maar hoe het precies zit? Jeroen Doorenbos, trainer/educator bij Diabetesvereniging Nederland legt het uit: “Diabetes is een stofwisselingsziekte waarbij het bloedglucosegehalte uit balans is.

Koolhydraten worden in je lichaam omgezet naar glucose in het bloed. Na het eten van koolhydraten stijgt de waarde van je bloedglucose. Als je gezond bent zorgt het hormoon insuline ervoor dat deze glucose naar de cellen gaat. Cellen hebben namelijk energie nodig en die halen ze uit glucose. Wanneer de cellen de glucose opnemen zakt je bloedglucosewaarde weer.”

Bij mensen met diabetes gebeurt er wat anders. “Als je diabetes type 2 hebt, maakt je lichaam minder insuline aan of je reageert er minder goed op. Er blijft teveel suiker in je bloed zitten waardoor je te hoge bloedglucosewaarden krijgt. Dat is schadelijk, op den duur kunnen ernstige complicaties ontstaan,” vertelt Doorenbos.

Achterhaald

Diabetes type 2 werd vroeger vaak ouderdomsdiabetes genoemd. Inmiddels is die term achterhaald. Tegenwoordig zijn er ook veel jonge mensen met diabetes 2. Type 2 is de meest voorkomende soort, negen van de tien diabetespatiënten heeft type 2. Hoewel diabetes type 1 en 2 op elkaar lijken zijn ze heel verschillend van aard. Zo is type 1 een auto-immuunziekte, waarvan de oorzaak vaak niet bekend is. Bij type 2 speelt levensstijl een grote rol. Met veel beweging, gezonde voeding en niet-roken kan deze vorm van diabetes vaak voorkomen worden. Ook erfelijke aanleg kan een rol spelen. Naast type 1 en 2 zijn er ook andere soorten diabetes.

Het komt vaak voor dat de symptomen van diabetes type 2 niet als dusdanig herkend worden. Doordat de symptomen vrij algemeen zijn, schrijven mensen ze vaak toe aan iets anders. Moeheid bijvoorbeeld - daar hebben we toch allemaal last van? Die drukke baan, de chaos thuis, je overvolle agenda…

Sluimerend maar schadelijk

Tenzij het door diabetes komt. “Mensen met diabetes voelen zich moe doordat lichaamscellen de glucose niet meer goed opnemen,” zegt Doorenbos. “Daardoor krijgen ze meer eetlust. Maar meer eten heeft geen zin. De glucose kan niet opgenomen worden door de cellen vanwege een gebrek aan insuline, dus blijft in het bloed. Als de bloedglucosewaarde daardoor nog verder oploopt, ga je suiker uitplassen.”

Je hoort je darmen niet te voelen.

Doorenbos beschrijft de eerste fase van diabetes als “sluimerend”, omdat signalen vaak worden gemist terwijl er wel degelijk wat aan de hand is. Op lange termijn worden de signalen steeds duidelijker, maar dan kan er al (ernstige) schade aangericht zijn. Bijvoorbeeld aan de zenuwen. Dit heet neuropathie en kan zich uiten in een verminderd gevoel in de voeten of benen, pijnscheuten, tintelingen, kramp en krachtverlies. Je bent ook gevoeliger voor infecties.

Dankzij de verhoogde bloedglucosewaarden kan de schimmel Candida zich snel vermenigvuldigen. Infecties aan lucht- en urinewegen komen ook voor. Daarnaast zijn er nog tal van andere complicaties die kunnen optreden, bijvoorbeeld aan je ogen, gewrichten, huid en gebit.

Risicofactoren

Voorkomen is altijd beter dan genezen. Daarom is het goed om te weten wat de risicofactoren van diabetes type 2 zijn. Veel van deze factoren hangen samen met een (on)gezonde levensstijl. Overgewicht is een belangrijke oorzaak. Door gezond te eten en voldoende te bewegen verklein je het risico. Een koolhydraatarm dieet kan nuttig zijn. Ook ander ongezond gedrag kun je beter mijden zoals roken, overmatig alcoholgebruik, een onregelmatig leefpatroon en stress.

Diagnose en behandeling

“Als je denkt dat je mogelijk diabetes hebt, dan ga je naar de huisarts. Die kan met een simpele test zien of je diabetes hebt,” zegt Doorenbos. Ouderen moeten extra alert zijn op klachten “Bij ouderen vallen de eerste signalen helemaal niet zo op, waardoor ze meestal worden gemist.”

En wat als de test inderdaad uitwijst dat je diabetes hebt? “Je kunt zelf een hoop doen om diabetes onder controle te houden,” zegt Doorenbos. “Zorg voor een gezonde levensstijl door op je voeding te letten en veel te bewegen. Je hebt dan minder medicatie nodig om je bloedglucosewaarden in balans te houden. Dat is beter voor je gezondheid en je hebt ook minder last van eventuele bijwerkingen.

Als je toch medicatie nodig hebt, krijg je eerst tabletten die ervoor zorgen dat je alvleesklier meer insuline aanmaakt, of dat je cellen de glucose beter opnemen.” Met bloedglucosemeters kunnen patiënten hun bloedglucose in de gaten houden. “Je prikt een klein gaatje in je vinger en doet de bloeddruppel op een meetstripje dat in de meter gaat. Na een paar tellen geeft de meter je waarden aan.

Die moeten tussen de 4 en 8 mmol liggen. Elke diabetespatiënt zou zo’n meter moeten gebruiken, maar zorgverzekeraars vergoeden het alleen als je insuline gebruikt. De meters kosten niks, maar de stripjes zijn vrij duur. Bedenk wel dat je er een hoop schade mee kunt voorkomen, dus maak een goede afweging.”