Met hun tour Het Fitte Brein door Nederland bespreken Schenk, Scherder en Swaab ieder vanuit hun eigen perspectief de invloed van bewegen en het gebruik van het brein bij jongeren en ouderen. En daar is grote belangstelling voor: de zalen zijn vol en bij hun meest recente ‘optreden’ in de Drenthehal in Beilen hadden zich genoeg mensen aangemeld om twee zalen te vullen.

Verdwijnen

Schenk is na zijn succesvolle schaatscarrière 38 jaar lang fysiotherapeut geweest. “Ik heb vaak gezien dat een verkeerde leefstijl veel lichamelijke problemen kan
geven op latere leeftijd. Mensen krijgen pijn en andere klachten, terwijl een dokter geen echte oorzaak kan vinden. Als je gezonder gaat leven en meer beweegt, kunnen pijn en klachten verdwijnen. Uiteraard moet je dat wel voorzichtig opbouwen, want bewegen zorgt ook voor slijtage van het lichaam. Het is belangrijk om daar een balans in te zoeken.”

Er zijn ook andere manieren om het brein fit te houden, vertelt Swaab. “Je kunt je brein stimuleren door bijvoorbeeld een tweede taal te leren. Het is bekend dat de ziekte van Alzheimer gemiddeld vijf jaar later optreedt bij mensen die tweetalig zijn opgevoed. Ook belangrijk zijn een goede opleiding, interessant werk en actief blijven op latere leeftijd, zoals met schaken, muziek maken of andere activiteiten die iets van je hersenen vragen. Soms zit ‘gezond oud worden’ echter gewoon in de familie. Daar spelen dus ook erfelijke factoren mee.”

Scherder denkt dat een combinatie van geestelijke en lichamelijke activiteit ideaal is voor de hersenen. Wetenschappelijk is dat overigens erg moeilijk om te onderzoeken. “Je zou een langdurige, goed gecontroleerde studie moeten doen waarin grote groepen mensen worden gevolgd. Dan kun je verschillen tussen die groepen onderzoeken. Toch weet je dan nog niet precies wat oorzaak en gevolg is. Misschien heeft het ene brein van nature al meer ‘zin’ in bewegen dan het andere.”

Gunstige effecten

Toch zijn er wel wetenschappelijke gegevens over de positieve invloed van bewegen op de hersenen, voegt Scherder hier aan toe. “Als je vanuit een inactief leven gaat bewegen, heeft dat gunstige effecten op de zogeheten cognitieve functies zoals denken en concentratie. Dat kun je bereiken door elke dag minimaal een half uur te bewegen, zoals wandelen of fietsen. Veel mensen halen dat helaas niet. Ook met twee keer per week sporten kun je nog inactief zijn.

Met een actieve leefstijl kun je een ziekte als dementie niet helemaal voorkomen, maar je kunt wel het risico verlagen.” Meer bewegen betekent niet dat iedereen naar de sportschool moet of in trainingspak moet gaan hardlopen. Het gaat veel meer om dagelijkse activiteiten. Bijvoorbeeld zelf op de fiets of lopend de boodschappen doen, in plaats van die thuis laten bezorgen. Of traplopen in plaats van de lift nemen.

“En als je op de tiende verdieping van een gebouw werkt, kun je op de achtste of negende verdieping uit de lift stappen en het laatste stukje lopen via de trap”, zegt Scherder. “Zo kun je, wanneer je met het openbaar vervoer naar je werk gaat, ook één of meerdere haltes eerder uitstappen en de rest lopen of fietsen. Mensen kijken me wel eens verbaasd aan als ik dit zeg, maar het zijn allemaal mogelijkheden om actiever te worden.”

Dramatische gevolgen

Te weinig beweging begint in de maatschappij een groot probleem te worden. We zijn gewend geraakt om thuis ‘op de bank te hangen’, veel mensen doen zittend werk en veel jongeren zitten urenlang achter een computer, laptop of mobiele telefoon. Als deze trend zich voortzet, heeft dat volgens Swaab dramatische gevolgen: eerder dementie, meer overgewicht, meer diabetes en meer hart- en vaatziekten. “Computerspellen zijn op zich niet slecht voor de hersenen, maar het is belangrijk om dat af te wisselen met echte lichamelijke beweging.

We kunnen nog een enorme stap maken in het voorkomen van ziekten. Het is onze missie om dat aan mensen te vertellen en hen te waarschuwen voor de gevaren van inactiviteit. We hopen dat mensen gaan denken: Ja, waarom kom ik eigenlijk niet mijn stoel uit?” We weten eigenlijk allemaal wel dat bewegen goed is. Toch is het voor veel mensen heel moeilijk om de leefstijl te veranderen, weet Schenk. “De mens is een gewoontedier. We houden heel erg vast aan wat we gewend zijn. Wij proberen mensen bewust te maken van het nut van bewegen.

De overheid kan dat eveneens doen, onder meer met publiekscampagnes. Vrijwilligers spelen ook een belangrijke rol, bijvoorbeeld door mensen bij een sportvereniging te halen. Als dat bewustzijn groeit kan een maatschappij ontstaan waarin bewegen normaal is.” Scherder ziet dat de overheid het onderwerp ook oppakt. “Staatssecretaris Dekker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap pleit voor meer gymlessen en vakleerkrachten op school. Langzaamaan groeit het gevoel dat dit nodig is, maar wij zijn wel realistisch en bescheiden over wat wij zelf zullen bereiken met onze lezingen. We verwachten niet dat onze bezoekers ineens massaal meer gaan bewegen. We krijgen naderhand wel eens leuke reacties van mensen die zijn gaan bewegen en bijvoorbeeld zijn afgevallen. Op een hele zaal zijn dat slechts enkele personen. Maar toch, daar doen we het wel voor.”

Boodschap

Bij de lezingen tijdens de tour Het Fitte Brein spreken Schenk, Swaab en Scherder ieder vanuit hun eigen kennis en ervaring over bewegen. Zij hebben alle drie een boodschap. Scherder: “Bewéég als je brein je lief is.” Swaab: “Gebruik je brein! En begin daar zo vroeg mogelijk mee.” En Schenk: “Maak keuzes voor je leefstijl. En beweeg, zij het met mate. Te veel of te intensief bewegen heeft ook weer nadelige kanten, zoals kans op blessures. Maak het niet te gek.”