Prof. Clemens Dirven
Hersentumorencentrum Erasmus MC

"Er zijn drie redenen waarom het onderzoeksveld zich traag ontwikkeld heeft",  schetst de neurochirurg en onderzoeker. "De eerste is de moeilijkheid van de ziekte; hoe kom je bij de tumor? De tweede is defaitisme; er is toch niets aan te doen. Als laatste, met zo'n 2.000 nieuwe patiënten per jaar is het een tamelijk zeldzame ziekte."

Waarom dit onderzoek toch zo belangrijk is? "Het gaat om een hele dramatische ziekte, die doorgaans veel jonge mensen treft", antwoordt Dirven. "Je ziet vaak al snel hersenfuncties uitvallen, waardoor mensen niet meer normaal kunnen functioneren. Soms kunnen ze niet meer spreken of verandert hun persoonlijkheid." Het defaitisme is de laatste jaren al een stuk verminderd, maar er is nog onvoldoende besef dat door de medische wetenschap de kansen op herstel voor patiënten met een hersentumor sterk zijn toegenomen.

Dirven: "Met hersenweefsel kunnen we in het laboratorium tumorcellen kweken om geneesmiddelen te testen. Drug screening, noemen we dat. Ook spannend zijn de ontwikkelingen rond immuuntherapie, waarbij het eigen afweersysteem van de patiënt tumorcellen opruimt. Vooral bij uitgezaaide melanomen - agressieve huidkanker - worden nu zeer goede resultaten bereikt." Volgens de Rotterdamse onderzoeker zouden patiëntenorganisaties zich moeten verenigen en de ernst van de ziekte meer onder de aandacht moeten brengen.

"Misschien zijn we als onderzoekers ook te bescheiden. Vroeger was het moeilijk, we hadden niets. Maar nu ontstaat de mogelijkheid om  op de individuele patiënt gerichte medicijnen te geven en komt immunotherapie dichtbij. Door verder onderzoek kunnen we in korte tijd grote stappen maken."