Hij lag drie weken in coma, verbleef twee maanden in het ziekenhuis en daarna zes maanden in een revalidatiecentrum. Hij moest alles opnieuw leren, waaronder lopen, lezen en schrijven.

Ander werk

Toen hij weer thuis was lukte het hem niet om zijn oude leven weer op te pakken. “Ik had een eigen bedrijf, maar kon daar vanwege mijn hersenletsel niet mee verder. Gelukkig kreeg ik wel heel goede begeleiding van een coach met wie ik keek naar wat ik wel en niet kon. Ik ging ander werk doen. Eerst koffie schenken voor ouderen in een verzorgingshuis, later boeken uitlenen in een bibliotheek.

Toen kwam ik bij een scheepsbouwbedrijf terecht en daar werk ik nu nog, twee dagen per week. Ik knap boten op en doe andere klussen. Dat gebeurt nog steeds onder begeleiding en dat vind ik heel prettig, want er staat helemaal geen druk op me. Het is niet te vergelijken met een baan in het echte bedrijfsleven.” Daarnaast geeft Freerk op scholen voorlichting over hersenletsel. “Hersenletsel zie je vaak niet aan de buitenkant. Ook de kinderen op de scholen zien niets vreemds aan mij. Als ik dan mijn verhaal heb verteld zijn ze erg onder de indruk.”

Vaarbewijs

De coach kwam aanvankelijk elke week bij Freerk langs, om knelpunten en problemen te bespreken en samen naar oplossingen te zoeken. Freerk ging bijvoorbeeld met begeleiding een computercursus doen, maar dat ging eigenlijk te snel voor hem. Daarom wilde hij het vaarbewijs voor een motorboot halen. “Met hulp van de coach is dat gelukt! Hij heeft mij in het hele traject begeleid.”

De ondersteuning door de coach is momenteel nog eens per maand. Freerk heeft er nog steeds veel aan: “Je kunt alles bespreken waar je tegenaan loopt. De coach helpt ook bij bijvoorbeeld het aanvragen van een persoonsgebonden budget. De ondersteuning ontlast bovendien mijn gezin, ook dat is heel belangrijk.

Met name de afhandeling van de schade na het ongeluk heeft heel lang geduurd. Dat vergt veel energie van ons allemaal. Het is fijn als je dan begeleiding krijgt.” Freerk kan zelf aangeven wanneer de ondersteuning niet meer nodig is, maar wat hem betreft stopt het contact met de coach voorlopig nog niet. “Ik vind het erg prettig, dus ik wil er zo lang mogelijk mee doorgaan.”

Geaccepteerd

Freerk heeft zijn nieuwe leven inmiddels geaccepteerd en hij is blij met wat hij nog kan. “Ik lees graag kranten, maar jammer genoeg gaat dat niet meer. Maar ik kan bijvoorbeeld nog wel autorijden, mede door een mobiliteitscursus heb ik handvatten en bevestiging gekregen veilig aan het verkeer deel te nemen.

Sommige mensen met hersenletsel zien het leven niet meer zitten en kunnen er zelfs een einde aan maken. Het gebeurt ook dat de relatie met de omgeving door het hersenletsel helemaal verandert en dat bijvoorbeeld een huwelijk strandt. Dat is bij mij gelukkig allemaal niet gebeurd. Ik heb geluk gehad, voor hetzelfde geld was het veel erger afgelopen.”

Mobiliteit

Nadat letsel is opgelopen is vaak onvoldoende bekend hoe weer veilig teruggekeerd kan worden in het verkeer. Zaken als het weer zelfstandig proberen te gaan (auto)rijden, het letsel melden bij het CBR of bij verzekeraar spelen hierbij een rol. Allereerst is het belangrijk dat de betrokkene zoveel mogelijk hersteld is alvorens weer deel te kunnen gaan nemen aan het verkeer. In vele gevallen zijn er zaken veranderd zoals reactievermogen, gezichtsvermogen(inzicht) en spelen wellicht fysieke beperkingen een rol.

Als voorbereiding op een CBR-test is het raadzaam om betrokkenen door een gespecialiseerd instituut te laten begeleiden. Met professionele ondersteuning is de betrokkene beter in staat om veilig en vertrouwd terug te keren in het verkeer en daardoor onafhankelijkheid terug te krijgen met betrekking tot de mobiliteit.