Borstvoeding
Borstvoeding is de meest natuurlijke voeding voor een kind en in bijna alle gevallen de beste keuze. Moedermelk geeft een baby alles wat die nodig heeft: afweerstoffen om hem te beschermen tegen infecties bijvoorbeeld, en voedingstoffen om te groeien, zoals eiwitten, koolhydraten, vetten, vitaminen en mineralen. Bovendien verandert de samenstelling van de moedermelk mee met de veranderende behoeften van je kindje, en vermindert moedermelk de kans op allergieën.

Vlak na de geboorte, als de baby goed alert en wakker is, is het beste tijdstip om hem een eerste keer aan te leggen. Zo komt de melkproductie goed op gang. Als de baby na de bevalling op de buik van de moeder ligt, zal hij zelf met zijn mondje naar de borst zoeken. Geef hem even de tijd, en hij zal spontaan beginnen happen.

De eerste dagen zijn nog oefendagen. Door een baby vaak aan te leggen kan hij zijn drinktechniek oefenen en krijgt hij alles wat hij nodig heeft Soms kan het even duren voor de borstvoeding op gang komt. Je geeft je kind best zoveel mogelijk verse moedermelk. Is dat moeilijk, vanwege je werk bijvoorbeeld, dan kun je ook afkolven.
 

Melkvoeding
Wanneer borstvoeding om een of andere reden niet (meer) mogelijk is, is flesvoeding een goed alternatief. Aangepaste flesvoeding bevat alle nodige voedingsstoffen voor de normale groei en ontwikkeling van een baby, stilt zijn honger en dorst en helpt hem zijn zuigbehoefte te blijven vervullen.

Overstappen van de borst naar de fles doe je stapsgewijs. Je kindje moet immers wennen aan de nieuwe melk. Net als je lichaam, want dat moet leren dat er minder melk moet worden aangemaakt. Bouw dus geleidelijk de borstvoeding af, door eerst één voeding met de fles te geven, en geleidelijk aan meer. Trek voor elke stap wel minimaal drie dagen uit, voor je een nieuwe voeding vervangt door flesvoeding.

Zelfs wanneer je baby vast voedsel begint te eten, blijft melk nog steeds zijn voornaamste voedingsbron. Het is dus belangrijk om borstvoeding te blijven geven of over te schakelen naar opvolgmelk. Pas wanneer je kind grote hoeveelheden en gevarieerd vast voedsel eet, kan je fles- of borstvoeding volledig vervangen.

 

Vaste voeding
De grotere ijzerbehoefte van een baby vanaf zes maanden maakt ook de overstap naar vaste voeding noodzakelijk. Sommige kinderen zijn al eerder toe aan vaste voeding. Dat hangt af van hun groei, rijpheid, behoeften, motorische ontwikkeling en de gewoonten in de omgeving. Vóór vier maanden is de overstap naar vaste voeding echter wel af te raden.

Je leert je kind best stap voor stap kennismaken met nieuwe smaken en texturen. Een handig hulpmiddel hierbij is babyvoeding in potjes. Die bieden niet alleen alle nodige voedingsstoffen, maar het uitgebreide gamma geeft je ook de kans je baby met nieuwe smaken te laten kennismaken.