Anouk Jaftoran

Jeugdverpleegkundige

GGD Hart voor Brabant

Dagelijks spreekt jeugdverpleegkundige Anouk Jaftoran van de GGD Hart voor Brabant jonge ouders op het spreekuur van het consultatiebureau. Gesprekken waarin ze ook het belang van voorlezen aan ouders duidelijk maakt en handvatten biedt over hoe ze dit kunnen aanpakken.

 “Als jeugdverpleegkundigen bij het consultatiebureau is het onze taak om de ontwikkeling van jonge kinderen in de gaten te houden,” vertelt Anouk. “De taalspraakontwikkeling is daar een heel belangrijk onderdeel van.

Gezinscommunicatie

Taal heb je je leven lang nodig om te kunnen communiceren. De communicatie moet dus goed op gang komen in de eerste jaren. Een voorbeeld: Peuters, die niet goed kunnen zeggen wat ze bedoelen, worden boos en opstandig waardoor gedragsproblemen kunnen ontstaan.

Voorlezen is een hele belangrijke manier om de taalontwikkeling positief te stimuleren bij jonge kinderen.” Vandaar dat Anouk ouders adviseert om hun kind vanaf de geboorte zoveel mogelijk taal te laten horen.

Onderzoek wijst uit dat een 4-jarige waarmee vanaf de geboorte veel is gepraat en gelezen, 30 miljoen meer woorden heeft gehoord dan een kind uit een zwijgzaam gezin. “Als ouder ben je de belangrijkste opvoeder en dus de aangewezen persoon om met je kind te praten en lezen.”

Meer variatie in woorden

Maar op wat voor manier draagt voorlezen nu concreet bij aan het stimuleren van de taalontwikkeling? Voorlezen lokt op een vanzelfsprekende manier talige interacties en gesprekken uit tussen ouder en kind. Van rijmpjes opzeggen tot het zingen van liedjes.

Allemaal rijke talige activiteiten die door het voorlezen ontstaan. Door boeken te lezen kun je jonge kinderen ook voorbereiden op, en leren omgaan met bepaalde situaties zoals gevoelens, zindelijkheid of een bezoek aan de tandarts.

Woordenschat

Daarnaast zorgt voorlezen dat kinderen meer taal, variatie in woorden en correcte zinconstructies horen. Kinderen leren hierdoor dat boekentaal anders is dan gesproken taal. Anouk: “Voorlezen stimuleert de woordenschat. Door als ouder plaatjes aan te wijzen, vragen te stellen en geluiden te maken, zorg je dat je kind allemaal nieuwe woorden leert.

De omvang van de woordenschat van je kind heeft grote invloed op het leren lezen en begrijpen van teksten. Van de peuters en kleuters die niet zijn voorgelezen heeft slechts 30 procent voldoende woordenschat voor een goede start op school.

De komst van de tablet zorgt ervoor dat de aandacht voor lezen minder wordt. Als jeugdverpleegkundige is hier een belangrijk rol weggelegd om ouders te blijven stimuleren om voor te lezen.”

Baas van het boek

Op het consultatiebureau merkt Anouk dat de meeste ouders wel weten dat voorlezen belangrijk is, maar niet altijd weten hoe ze dat aan moeten pakken. “Ouders willen weten welk soort boeken geschikt zijn voor welke leeftijd.

Of ze geven aan dat het voorlezen niet lukt, omdat hun kind er geen aandacht er voor heeft of zich te kort kan concentreren.” Dit heeft vaak te maken met het kiezen van een juist voorleesmoment, dus als kinderen niet te moe zijn of honger hebben.

Ook hebben ouders het idee dat het boek uit moet. “Het is een misvatting dat voorlezen uren moet duren. Ouders hebben vaak de neiging het boek af te werken, maar het gaat juist om korte momenten en goed kijken naar waar je kind aan toe is.

Het is een misvatting dat voorlezen uren moet duren.

Het kind is de baas van het boek en heeft de regie, ook als hij op bladzijde 6 wil beginnen met lezen. Maak er geen strijd van! Probeer het te zien als een rustmoment voor je kind en jezelf.”

Anouk merkt dat er een groot verschil is tussen ouders, die opgegroeid zijn met voorlezen en ouders uit andere culturen. Zij krijgt dan ook geregeld te horen wat een baby nou met een boek moet.

“Een boek is een speeltje voor een jong kind. Je kind hoort dat je iets gezelligs vertelt en geniet van je stem. Als je dat vanaf het begint doet, wordt het een gewoonte.”

E-learningmodule ‘Taalstimulering’

Deze gouden tip leerde de jeugdverpleegkundige - naast vele andere eyeopeners over de taalontwikkeling bij jonge kinderen – tijdens de e-learningmodule ‘Taalstimulering’ speciaal ontwikkeld door Stichting Lezen voor jeugdverpleegkundigen.

Deze module ondersteunt hen bij het stimuleren van voorlezen aan het jonge kind (0-4 jaar) met als doel het leesplezier en de taalontwikkeling positief te beïnvloeden.

Anouk: “Je leert hoe je het beste kunt voorlezen en hoe het leesproces verloopt van baby tot kleuter. Het dwingt je als verpleegkundige na te denken over je rol om voorlezen bij ouders van jonge kinderen te stimuleren. De module zit vol met theorie, maar ook praktische aanwijzingen hoe je met ouders hierover in gesprek gaat.”

Jeugdverpleegkundigen moeten jaarlijks accreditatiepunten halen om hun kennis up tot date te houden. Een e-learningmodule zoals deze biedt veel voordelen vindt Anouk. “Ik vind e-learning een fijne manier van leren. Je kunt helemaal zelf bepalen wanneer het wilt doen. Ook de praktische manier waarop de stof wordt gepresenteerd - met veel filmpjes – vind ik een aanrader.”

Hoe begin je?

De manier waarop jonge kinderen met boeken omgaan en de inhoud ervan leren begrijpen, verloopt dus in een aantal fasen. Wanneer begin je dan met voorlezen en wat kun je verwachten?

Vanaf 3 à 4 maanden kun je je kind geplastificeerde en stoffen boekjes aanbieden. Kortom, boeken waarmee ze zintuiglijk worden geprikkeld en het boek kunnen ontdekken. Tijdens de korte voorleesmomenten kun je liedjes zingen en reageren op het gebrabbel van je kind. Anouk: “Je kind leert dat je om beurten iets kunt vertellen en dat je naar elkaar luistert in een gesprek.”

Vanaf de dreumesleeftijd (1 à 2 jaar) start je met prentenboeken. Met je kind op schoot kun je vertellen wat er te zien is en aanwijsspelletjes doen. Als je het boek al vaker hebt gelezen, kun je je kind vragen om zelf te benoemen wat er te zien is in het boek.

Met je kind op schoot kun je vertellen wat er te zien is en aanwijsspelletjes doen.

Peuters zijn vaak gek op rijmboekjes en hebben veel plezier bij herhaling. Zij gaan ook steeds beter verbanden leggen en een verhaal begrijpen. Ook als kinderen beginnen op de basisschool is het belangrijk om te blijven lezen. “De woordenschat moet je blijven aanvullen.

Natuurlijk wordt er op school voorgelezen, maar dat gebeurt in groepsverband. Thuis kun je op maat in gaan op de fase waarin je kind zit en aansluiten op wat je kind wel en niet leuk vindt. Het belangrijkste is om samen te genieten van deze momenten!”

Kinderboekentips (klik voor een grotere afbeelding!)
Infographic