Niet voor gezinnen met een leerstoornis. “Compenserende hulpmiddelen, zoals spellingcontrole of voorleessoftware, bieden de mogelijkheid gewoon onderwijs te volgen”, aldus pedagoge Anny Cooreman.

“Waarom begrijp je het nog steeds niet?”of “Ben je te lui om eraan te werken?”, vragen die vaak uit onwetendheid aan een kind met een leerstoornis worden gesteld. Maar we slaan de bal mis als we ervan uitgaan dat zij te dom zijn of zich niet genoeg inspannen. “Dyslexie, dyscalculie, dyspraxie, maar ook aandachtstoornissen, impulsiviteit en autisme veroorzaken leerstoornissen. Ongeacht de oorzaak, het effect blijft hetzelfde: deze kinderen hebben problemen om de basis van lezen, rekenen of schrijven te vatten.” Wat niet betekent dat zij niet kunnen studeren. “Ik ken een jongen die niet kan lezen, maar toch in het derde jaar architectuur zit.” Er bestaat echter geen remedie, je hebt het voor de rest van je leven.  

Emotioneel geladen

Als ouder wil je dat je kind het goed doet op school. Wanneer je merkt dat rekenen stroef gaat, zal je jouw kind helpen. “Voor ouders van kinderen met een leerstoornis heeft het niet kunnen rekenen ook een emotionele impact. Ouders zoeken de oorzaak bij zichzelf. Wat heb ik fout gedaan? Bovendien kennen leerstoornissen meestal een familiale voorgeschiedenis. Uit onderzoek blijkt dat een kind met dyslectische ouders 30% kans heeft op dyslexie. Voor kinderen met 'normaal tot goed' lezende ouders bedraagt dit slechts 3%. Vaak zal een ouder zichzelf herkennen in het kind en beseffen welke lijdensweg het te wachten staat.”

“Kinderen met een leerstoornis worden dagelijks geconfronteerd met hun gebrek. Ze proberen en blijven proberen en toch lukt het niet. Hun competentiegevoel neemt af en ze geloven dat ze nergens talent voor hebben.” Angstig, onzeker, boos, machteloos of moedeloos, een spectrum aan gevoelens waar deze kinderen en hun ouders zich in terugvinden. Deze terugkerende gevoelens vervormen het zelfbeeld en leiden uiteindelijk tot faalangst.

“Het heeft weinig zin om boos te worden of medelijden te hebben. Het probleem aanpakken is de beste raad die ik kan geven.”Bijvoorbeeld een sterkte-zwakte analyse biedt hulp. Verkiest je kind woorden of beelden om zich uit te drukken? Gebruik als ouder dan dezelfde stijl. “Maar ouders het gevoel geven dat zij in staat zijn hun kinderen kennis bij te brengen is niet voldoende. Compenserende hulpmiddelen voor de kinderen is wat uiteindelijk de doorslag geeft.”

Hulp waar nodig

Je moet een zin lezen, maar de letters worden niet scherp. Gelukkig heb je een bril bij en is het probleem van de baan. Deze bril voor iemand met een slecht zicht is hetzelfde als een tafelkaart of spellingcontrole voor een kind met een leerstoornis. Het kind kan dankzij het hulpmiddel wat anderen kunnen, de info lezen en de vragen beantwoorden. “Waarom zou een kind dat niet uit het hoofd kan rekenen geen rekenmachine mogen gebruiken? We gebruiken allemaal dergelijke tools in het dagelijkse leven. Het is belangrijker dat het kind begrijpt hoe je een percentage berekent of een staartdeling maakt.  Dit is mogelijk indien de basisvaardigheden die hiervoor nodig zijn ondersteund worden door compenserende hulpmiddelen.”

Verhoogde zorg

De rol van het onderwijs is essentieel. Scholen zijn niet alleen verantwoordelijk voor de basisvaardigheden, maar ook voor de verhoogde zorg. Deze bestaat uit remediëren, differentiëren, compenseren en dispenseren. De eerste drie maatregelen – extra oefening, variatie en hulpmiddelen - hebben een positief effect op leerstoornissen. De kinderen vrijstellen van doelen moet voorzichtig gebeuren. Indien het gewoon onderwijs leerstoornissen erkent en gepast intervenieert, horen deze kinderen eerder hier thuis dan in het buitengewoon onderwijs. “In het lager en secundair onderwijs worden hulpmiddelen vaak geweerd omdat men leerlingen niet wilt ‘voortrekken’. Deze hulpmiddelen zijn echter geen doel op zich, zij maken het mogelijk een doel te bereiken en versterken het leerproces. Het niet toelaten van een computer is discriminerend.” Het is belangrijk dat hulpmiddelen tijdig worden ingezet. “Leerstoornissen hebben een grote impact op het zelfbeeld. Door hen snel te leren omgaan met dit probleem voorkomt men faalangst. Daarom moet er geïnvesteerd worden in de sensibilisering van leerkrachten.”